ECLI:NL:HR:2010:BL7043
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Geen belanghebbende voor broer bij uithuisplaatsing van andere minderjarige kinderen
In deze zaak gaat het om de vraag of een broer belanghebbende is bij de beslissing van de kinderrechter tot uithuisplaatsing van zijn broers en zusters. De kinderen zijn allen minderjarig en het gezag wordt per kind afzonderlijk uitgeoefend.
De kinderrechter stelde zeven kinderen onder toezicht en machtigde Bureau Jeugdzorg tot uithuisplaatsing. De broer, vertegenwoordigd door een bijzondere curator, kwam in hoger beroep tegen de uithuisplaatsing van zijn broers en zusters. Het hof verklaarde hem niet-ontvankelijk ten aanzien van de broers en zusters omdat hij geen direct belanghebbende was.
De Hoge Raad bevestigt dat het gezag en de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit het gezag per kind worden beoordeeld. Een beslissing over de uithuisplaatsing van het ene kind raakt niet rechtstreeks de rechten van de andere kinderen. Hoewel het gezinsleven volgens art. 8 EVRM Pro wordt geraakt, leidt dit niet tot rechten of verplichtingen jegens de andere minderjarige kinderen. Daarom kan de broer niet als belanghebbende optreden voor zijn broers en zusters. De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep niet-ontvankelijk omdat de broer geen belanghebbende is bij de uithuisplaatsing van zijn broers en zusters.