ECLI:NL:GHSGR:2011:BR1127
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.W. baron van Knobelsdorff
- Th. Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwaardering lening aan eigen BV en toepassing belastingverdrag Nederland-België
Belanghebbende, woonachtig in België en enig aandeelhouder van [A] BV, verstrekte aanzienlijke leningen aan zijn vennootschap zonder schriftelijke overeenkomsten en zonder zekerheid. Hij waardeerde deze lening af met een verlies van €726.048, wat hij als negatief resultaat uit overige werkzaamheden wilde aftrekken van zijn Nederlandse belastbare inkomen.
De Inspecteur stelde dat de lening onzakelijk was en dat de waardeverandering van de vordering onder het belastingverdrag tussen Nederland en België uitsluitend in België belastbaar is. De rechtbank wees het beroep van belanghebbende af op grond van het belastingverdrag en de onzakelijkheid van de lening.
Het hof bevestigde dit oordeel. Het stelde vast dat een onafhankelijke derde het debiteurenrisico niet zou hebben aanvaard en dat belanghebbende het risico heeft aanvaard om het belang van zijn BV te dienen. Hierdoor is sprake van een onzakelijke lening en dient het afwaarderingsverlies buiten beschouwing te blijven bij de Nederlandse belastingheffing. Tevens is de heffingsbevoegdheid voor deze waardeverandering toegewezen aan België volgens artikel 22 van Pro het belastingverdrag.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd. Belanghebbende kan nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de lening onzakelijk is en dat het afwaarderingsverlies niet in Nederland mag worden meegenomen vanwege het belastingverdrag met België.