ECLI:NL:GHSHE:2004:AP5244
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en beroep op onjuiste inlichting
Belanghebbende is sinds 1999 houdster van een motorrijtuig dat ten onrechte als bestelauto werd aangemerkt voor de motorrijtuigenbelasting. De Belastingdienst constateerde in 2001 dat het voertuig niet aan de wettelijke eisen voor een bestelauto voldeed, waarna een naheffingsaanslag werd opgelegd.
Belanghebbende stelde dat zij telefonisch onjuiste informatie had ontvangen van de Belastingdienst, waardoor zij mocht vertrouwen op een juiste indeling van het voertuig. Het hof oordeelde dat een dergelijke mededeling geen bindende toezegging was, maar slechts een reactie op een verzoek om inlichtingen. Het risico van onjuiste informatie ligt bij belanghebbende, tenzij zij daardoor aantoonbare schade heeft geleden.
Hoewel belanghebbende het voertuig op basis van de inlichting had gekocht, heeft zij niet aannemelijk gemaakt dat zij naast de belasting ook schade heeft geleden. Ook het beroep op het herstelbeleid van de Staatssecretaris van Financiën werd verworpen, omdat geen aanpassing van het voertuig had plaatsgevonden.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd mondeling gedaan op 12 mei 2004 door het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wordt ongegrond verklaard.