ECLI:NL:GHSHE:2004:AR6666
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.M. Bongaarts
- J. Swinkels
- D.G. Barmentlo
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdigheid aangifte en redelijke termijn bij belastingaanslag 1995
Belanghebbende is voor het jaar 1995 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd met een verhoging wegens het niet tijdig indienen van de aangifte. De aangifte werd op 20 mei 1997 ontvangen, terwijl de uiterste inleverdatum 1 maart 1997 was. Belanghebbende stelde dat de aangifte tijdig was verzonden, maar kon dit niet aannemelijk maken.
Het geschil betrof de vraag of de aangifte tijdig was ingediend, of de redelijke termijn van artikel 6 EVRM Pro was overschreden, en of dit tot vernietiging van de aanslag moest leiden. Het hof stelde vast dat belanghebbende met zijn brief van januari 1999 had ingestemd met uitstel van de afhandeling van het bezwaar tot afronding van procedures over eerdere jaren, waardoor de aanhoudingstermijn buiten beschouwing werd gelaten.
Na beoordeling van de procesgang, inclusief het beroep en de conclusies van partijen, oordeelde het hof dat de redelijke termijn niet was overschreden. Tevens werd overwogen dat de procedure niet in strijd was met artikel 14, vijfde lid, van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, mede gelet op jurisprudentie van de Hoge Raad en het Human Rights Committee.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard, de aanslag bleef in stand, en er werd geen schadevergoeding toegekend. Ook werd geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inclusief verhoging blijft in stand.