ECLI:NL:GHSHE:2007:BB1919
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- A. Bijlsma
- T. Blokland
- H.W.M. van Kesteren
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt classificatie BIO-ALCAMID als chirurgische inplanteringsprothese voor omzetbelasting
Het geschil betrof de vraag of BIO-ALCAMID moet worden aangemerkt als een chirurgische inplanteringsprothese in de zin van post a.35 van Tabel I bij de Wet op de omzetbelasting 1968. Belanghebbende stelde dat dit het geval was, terwijl de Inspecteur dit betwistte. Het Hof stelde vast dat het product na inbrengen in het lichaam een vaste vorm aanneemt en ter plaatse blijft totdat verwijdering plaatsvindt. Tevens vervangt het verloren lichaamsweefsel en mag het alleen door artsen worden ingebracht.
Het Hof verwierp de stelling van de Inspecteur dat ook verpleegkundigen het product mogen inbrengen, omdat hiervoor geen bewijs werd geleverd. Daarnaast werd erkend dat het begrip chirurgie niet beperkt is tot behandelingen met incisie, maar ook injectering omvat, mede door medische ontwikkelingen. Het Hof onderscheidde BIO-ALCAMID van andere middelen zoals Artecoll, omdat BIO-ALCAMID daadwerkelijk lichaamsweefsel vervangt.
Gelet op deze overwegingen werd het beroep van belanghebbende gegrond verklaard, de uitspraak van de Rechtbank vernietigd en de naheffingsaanslag en boetebeschikking vernietigd. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het Hof oordeelt dat BIO-ALCAMID een chirurgische inplanteringsprothese is, vernietigt de naheffingsaanslag en boetebeschikking en veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten.