ECLI:NL:GHSHE:2010:BP7297
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.A.M. Pijnenburg
- P.A.G.M. Cools
- J.W. Verstraate
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over fiscale kwalificatie woning en vertrouwensbeginsel in inkomstenbelasting 2005
Belanghebbende kocht van zijn vader een woning onder voorbehoud van het zakelijk recht van gebruik en bewoning, waarbij de vader zich verplichtte alle kosten en fiscale afschrijvingen te betalen. Belanghebbende gaf de woning aan als eigen woning in de zin van artikel 3.111, lid 1 Wet IB 2001.
Het hof oordeelt dat omdat de vader alle lasten en afschrijvingen draagt, de woning niet als eigen woning voor belanghebbende kan worden aangemerkt, maar als een vermogensbestanddeel dat in box 3 moet worden aangegeven. Het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt verworpen omdat uit de brief van de inspecteur niet blijkt dat geen aangifte voor 2005 hoefde te worden gedaan.
Verder wordt bevestigd dat het weiland eigendom van belanghebbende was en de waarde daarvan correct is vastgesteld. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond, bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Ook wordt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard; woning geen eigen woning, beroep op vertrouwensbeginsel verworpen.