ECLI:NL:GHSHE:2011:BP8659
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- G.J. van Muijen
- J.W.J. Huige
- J.G. Verseput
- Rechtspraak.nl
Marina als schip en niet onroerende zaak in overdrachtsbelasting
Belanghebbende verkreeg bij notariële akte een perceel grond en een Marina, een drijvende woning, waarvan de vraag was of deze als onroerende zaak moest worden aangemerkt voor de overdrachtsbelasting. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op omdat hij de Marina als onroerend zag.
Het hof volgde de Hoge Raad in het oordeel dat een Marina, als drijvend object met een betonnen caisson en houten opbouw, een schip is in de zin van artikel 8:1 BW Pro en daarmee een roerende zaak. De bevestiging aan twee palen die met de bodem zijn verankerd, waarbij het schip met de waterstand meebeweegt, leidt niet tot vereniging met de bodem. Ook is geen sprake van vereniging met de oever, ondanks de directe aansluiting van de tuin.
Daarmee is de Marina niet onroerend en is de naheffingsaanslag ten onrechte opgelegd. Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank en de naheffingsaanslag, verklaart het hoger beroep gegrond en veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op de Marina wordt vernietigd omdat deze een schip is en geen onroerende zaak.