ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ3646
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gedeeltelijke afkoop pensioen en correctie privé-uitgaven in belastingzaak A-concern
Belanghebbende, directeur van het A-concern, bouwde pensioen in eigen beheer op via Pensioen B.V., die aanzienlijke vorderingen had op concernonderdelen. In december 2004 werd €311.000 via belanghebbendes privérekening aan Pensioen B.V. overgemaakt en direct contant opgenomen. Het hof acht aannemelijk dat dit bedrag onttrokken is zonder dat er toen een leningsovereenkomst bestond.
De Inspecteur kwalificeerde het volledige pensioenbedrag van €715.024 als afkoop en daarmee als loon uit vroegere dienstbetrekking. Het hof volgt dit standpunt, omdat de onttrekking de pensioenverplichting deels afkocht en de vordering op de holding niet volwaardig was. Belanghebbende kon de stelling van een geldlening niet aannemelijk maken.
Daarnaast werd een correctie op privégebruik van creditcards vastgesteld, die het hof halveert. De boetebeschikking wordt gehandhaafd op €226. De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van €793.195 en nihil inkomen uit aanmerkelijk belang. Proceskosten en griffierechten worden deels vergoed aan belanghebbende.
Het hof bevestigt ook de heffingsbevoegdheid van Nederland op grond van het belastingverdrag met België voor de afkoop van het pensioen. De uitspraak vernietigt de eerdere rechtbankbeslissing en wijst het beroep deels toe.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van €793.195, de boete tot €226, en de Inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten en griffierechten.