ECLI:NL:GHSHE:2011:BZ4064
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.Th. Begheyn
- M.J. Van Laarhoven
- M.W.M. Souren
- Rechtspraak.nl
Vaststellingsovereenkomst na beëindiging samenwerking: beroep op dwaling faalt
Partijen werkten sinds 1995 samen in de exploitatie van onroerend goed binnen de Crescendogroep. Na persoonlijke conflicten sloten zij in 2001 een voorovereenkomst voor beëindiging van hun samenwerking, waarbij een optie tot aandelenovername werd vastgelegd met prijsvaststelling door accountants. Omdat de accountants geen overeenstemming bereikten, werd een derde accountant, prof. Dr. [accountant 3.], benoemd die twee conceptrapporten uitbracht, maar geen definitief rapport.
Op 29 juli 2003 sloten partijen een vaststellingsovereenkomst om hun geschillen te beëindigen en de samenwerking definitief te beëindigen. Deze overeenkomst vernietigde uitdrukkelijk de eerdere voorovereenkomst en beëindigde de opdracht aan de accountant. Later vorderde geïntimeerden wijziging van deze vaststellingsovereenkomst op grond van dwaling, wanprestatie en onrechtmatige daad, stellende dat zij misleid waren over de waarde van bezittingen.
De rechtbank oordeelde dat het beroep op dwaling slechts in uitzonderlijke gevallen mogelijk is bij vaststellingsovereenkomsten en kende een beperkte schadevergoeding toe wegens misleiding. Het hof vernietigde dit vonnis, oordeelde dat het beroep op dwaling faalt omdat de vaststellingsovereenkomst niet berustte op de rapportage van de accountant en dat de onzekerheid over de waarde juist met deze overeenkomst werd beslecht. Wanprestatie en onrechtmatige daad werden eveneens verworpen. Het hof wees alle vorderingen af en veroordeelde geïntimeerden tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen met rente en in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van geïntimeerden af wegens falen van het beroep op dwaling.