Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
.Dit deel van het perceel wordt enkele keren per jaar gebruikt voor erediensten.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de WOZ-waarde van de pastorie met tuin en garage te hoog was vastgesteld en dat de tuin een zelfstandig gedeelte vormt dat onder de kerkenvrijstelling valt. De Rechtbank had het beroep ongegrond verklaard. Het Hof oordeelde dat de bewijslast onjuist was verdeeld door de Rechtbank en dat de Heffingsambtenaar aannemelijk moest maken dat met verschillen tussen vergelijkingsobjecten rekening was gehouden.
Het Hof concludeerde dat de tuin geen zelfstandig gedeelte vormt volgens artikel 16, onder c, Wet WOZ, omdat de fysieke afscheidingen onvoldoende zijn en de tuin vrij toegankelijk is. De garage behoort ook niet tot de kerk, maar tot de pastorie. De onroerende zaak wordt niet voor 70% of meer gebruikt voor openbare eredienst, waardoor de kerkenvrijstelling niet van toepassing is.
Het Hof achtte twee van de vergelijkingsobjecten ongeschikt vanwege verschillen in bouwjaar en ligging, maar vond het object aan de [H-straat] 4 en de verkoop aan de [G-straat] 6 bruikbaar als referentie. De vastgestelde waarde van €732.000 werd als niet te hoog beoordeeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Het Hof wees een vergoeding van griffierecht af en veroordeelde partijen niet in de proceskosten. De uitspraak is op 14 november 2013 gedaan door het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €732.000 bevestigd zonder toepassing van de kerkenvrijstelling.