ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ9853
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Nietigheid testament wegens geestelijke stoornis erflater afgewezen door hof
Deze zaak betreft de nalatenschap van een erflater met een verstandelijke beperking door een ongeval in zijn jeugd. Appellante stelde dat de testamenten van 1980 en 1999 nietig of vernietigbaar zijn wegens wilsonbekwaamheid door een geestelijke stoornis. De rechtbank oordeelde reeds dat erflater handelingsbekwaam was bij het opmaken van het testament van 1999 en wees de vorderingen af.
In hoger beroep voerde appellante aan dat erflater door zijn geestelijke stoornis niet in staat was zijn wil te bepalen, ondersteund door medische verklaringen. Geïntimeerden betwistten dit en stelden dat erflater zelfstandig woonde en geen ondercuratelestelling had, wat wijst op handelingsbekwaamheid.
Het hof concludeerde dat de verstandelijke beperkingen niet automatisch wilsonbekwaamheid betekenen. De medische verklaringen boden onvoldoende bewijs dat erflater ten tijde van het testament niet begreep wat hij deed. Het feit dat erflater zelfstandig woonde en geen beschermingsmaatregelen kende, versterkte dit oordeel.
Het hof bevestigde dat de uiterste wilsbeschikking van 1999 geldig is en dat de erfgenamen volgens dit testament recht hebben op de nalatenschap. De vorderingen van appellante werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaart de testamenten geldig en wijst de vorderingen van appellante af.