Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
6.Het verloop van de procedure
- de memorie na enquête van Dekro met één productie;
- de antwoordmemorie na enquête van [appellant].
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of Dekro Horeca Totaal B.V. haar zorgplicht en instructieplicht jegens werknemer [appellant] had nageleefd. Het geschil betrof een arbeidsongeval op 5 april 2009 waarbij de werknemer betrokken was. Dekro stelde dat zij de werknemer meerdere malen had gewaarschuwd om niet lomp om te gaan met bedrijfsmiddelen.
Het hof beoordeelde de bewijslevering en concludeerde dat Dekro onvoldoende bewijs had geleverd voor de stelling dat de werknemer was geïnstrueerd en gewaarschuwd. De verklaringen van Dekro’s getuigen werden ontzenuwd door die van de werknemer en diens getuige. Ook werd vastgesteld dat de laadklep van de vrachtwagen op een logische wijze werd gebruikt, tegen de stelling van Dekro in.
Het hof benadrukte dat de instructieplicht van de werkgever ook inhoudt dat regelmatig moet worden gewaarschuwd tegen lomp gedrag, zeker bij werkzaamheden met verhoogd risico. Omdat Dekro niet kon aantonen dat zij aan deze instructieplicht had voldaan, werd zij aansprakelijk gehouden op grond van artikel 7:658 lid 2 BW Pro.
De zaak werd naar de rol verwezen voor nadere procedure over de schadevaststelling. De vordering tot incassokosten werd afgewezen omdat de werknemer verzekerd was voor rechtsbijstand. Dekro werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd.
Uitkomst: Dekro Horeca Totaal B.V. is aansprakelijk wegens niet nakomen van haar instructie- en zorgplicht, het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.