ECLI:NL:GHSHE:2014:4664
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- W.H.B. den Hartog Jager
- P.P.M. Rousseau
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over aansprakelijkheid werkgever bij bedrijfsongeval en verklaring voor recht
Appellant was in dienst bij Stichting Phoenix en raakte op 24 november 2009 tijdens werkzaamheden bij Kringloop Zuid gewond aan zijn knie door een bedrijfsongeval. Hij stelde Phoenix aansprakelijk wegens schending van de zorgplicht als werkgever volgens artikel 7:658 lid 2 BW Pro. De kantonrechter verklaarde appellant niet-ontvankelijk in zijn vordering omdat hij alleen een verklaring voor recht had gevorderd zonder schadevergoeding.
In hoger beroep oordeelt het hof dat appellant wel belang heeft bij een verklaring voor recht, omdat dit kan leiden tot een snelle en efficiënte afwikkeling van de zaak en een mogelijke minnelijke regeling. Het hof stelt dat de kantonrechter ten onrechte appellant niet-ontvankelijk heeft verklaard. Omdat in eerste aanleg geen inhoudelijke beoordeling heeft plaatsgevonden, is terugverwijzing naar de rechtbank gerechtvaardigd als uitzondering op het verbod van terugverwijzing.
Het hof vernietigt het vonnis van 27 maart 2013, verklaart appellant ontvankelijk en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Limburg, kanton, zittingsplaats Maastricht, om het geding inhoudelijk te hervatten. Phoenix wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De proceskostenveroordeling in eerste aanleg wordt eveneens vernietigd.
Uitkomst: Het hof verklaart appellant ontvankelijk, vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor inhoudelijke behandeling van de aansprakelijkheid.