ECLI:NL:GHSHE:2015:4251
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep belastingaanslag 2009: hypotheekrente en aftrek levensonderhoud kinderen
Belanghebbende was het niet eens met de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2009 en de daarop gebaseerde heffingsrentebeschikking. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die de aanslag verminderde, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Het geschil betrof onder meer de vraag of belanghebbende recht had op aftrek van betaalde hypotheekrente, aftrek voor levensonderhoud van kinderen en of bepaalde leningen tot vermindering van het belastbare inkomen konden leiden. Tevens werd de rechtmatigheid van verrekening van belastingschulden en het recht op persoonsgebonden aftrek uit voorgaande jaren besproken.
Het Hof oordeelde dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend en dat een nader stuk van de Inspecteur, hoewel te laat ingediend, in het belang van een correcte procesgang werd toegelaten. De hypotheekrenteaftrek werd slechts deels aangenomen omdat belanghebbende onvoldoende bewijs leverde. De stelling dat een uitkoop van de ex-echtgenote een aftrekpost zou vormen, werd verworpen wegens gebrek aan onderbouwing.
Aftrek voor levensonderhoud van kinderen werd afgewezen omdat de kinderen recht hadden op kinderbijslag of studiefinanciering, of zelf inkomen genoten. Lopende leningen konden niet leiden tot een lagere aanslag omdat geen bezittingen waren opgegeven. De persoonsgebonden aftrek uit voorgaande jaren werd niet aannemelijk gemaakt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.