Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 696492 CV EXPL 11-11200)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord met producties.
mogelijkheiddat de memorie van grieven niet door de advocaat die zich heeft gesteld voor [Sloopwerken] is ondertekend omdat een identieke handtekening is geplaatst bij de vermelding van de behandelend advocaat, wordt gezien als een onvoldoende stelling dat de memorie van grieven niet zou zijn ondertekend door de advocaat die zich gesteld heeft. Niet van belang is dat die handtekening als een paraaf zou moeten worden geduid; artikel 83 lid 2 Rv Pro maakt namelijk geen onderscheid tussen een handtekening en een paraaf en vereist slechts ondertekening.
3.De beoordeling
a) naar keuze van de fabrikant, aan een van de twee in artikel 11 bedoelde Pro procedures, wanneer het gaat om beschermingsmiddelen van complex ontwerp die de gebruiker moeten beschermen tegen gevaren die dodelijk zijn of de gezondheid ernstig en onherstelbaar kunnen schaden, en waarvan de gebruiker naar de ontwerper aanneemt de acute effecten niet tijdig kan onderkennen. Tot deze categorie behoren uitsluitend:
Het hof zal de nakosten begroten op € 131,--.