ECLI:NL:GHSHE:2015:687
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- A.A.H. van Hoek
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over loonvordering wegens ziekte en bewijs van arbeidsongeschiktheid
In deze zaak vordert de werknemer betaling van loon over een periode van ziekte en ingehouden vakantiedagen. Het hof oordeelt dat deze vordering een loonvordering is in de zin van artikel 7:629 BW Pro, waarvoor een verklaring van een UWV-deskundige vereist is volgens artikel 7:629a BW. De werknemer heeft echter geen dergelijke verklaring bij de dagvaarding overgelegd.
De werknemer overlegt later medische EU-standaardformulieren (E115 en E116) uit Roemenië, die het hof in principe gelijk stelt aan de vereiste UWV-verklaring. Het hof stelt echter vast dat de formulieren niet volledig leesbaar zijn en dat de handgeschreven teksten vertaald moeten worden. Tevens vraagt het hof waarom deze formulieren niet eerder in de procedure zijn overgelegd.
Het hof geeft de werknemer de gelegenheid om de originele formulieren met beëdigde vertaling te overleggen en een verklaring te geven over de late indiening. De verdere beslissing wordt aangehouden tot deze stukken zijn ingediend. Dit arrest betreft een vervolg op een eerder tussenarrest en behandelt de toepassing van Europese verordeningen op sociale zekerheid in het kader van een nationale loonvordering.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om de werknemer in de gelegenheid te stellen originele EU-formulieren met beëdigde vertaling te overleggen en een verklaring te geven over de late indiening.