Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 1 november 2016;
- de akte zijdens [geopposeerde] d.d. 15 november 2016 met bijlagen als genoemd in r.o. 3.1.2 van het tussenarrest.
6.De verdere beoordeling
- [opposant] is in het verleden (2003) met justitie in aanraking gekomen wegens het kweken van hennep;
- [opposant] was en is bekend met de personen die de hennepkwekerij hebben ingericht, omdat zij in het verleden geld van hem hadden geleend;
- [opposant] is door deze mensen benaderd, waarna hij met hen heeft afgesproken dat zij de loods mochten gebruiken;
- deze mensen hebben aan [opposant] toegezegd dat hij daarvoor een paar honderd euro per maand zou ontvangen;
- [opposant] heeft, gegeven zijn standpunt dat de loods niet van hem was en hij daar ook geen zeggenschap over had, geen, althans geen plausibele, verklaring gegeven voor het feit dat deze personen hem bij gebruik van de loods wel een aanzienlijke betaling per maand hebben toegezegd;
- anders dan onder ede verklaard tegenover de kantonrechter, stelt [opposant] nu bij memorie van antwoord (nr. 22) dat de personen die de kwekerij hebben ingericht hem geen tegenprestatie in het vooruitzicht hebben gesteld, zodat [opposant] hetzij bij memorie van antwoord de waarheid geweld aandoet, hetzij op 3 januari 2014 meineed heeft gepleegd;
- [opposant] was bekend met het feit dat in de loods een hennepkwekerij was ingericht;
- de benodigde stroom voor het kweken van hennep in deze kwekerij werd verkregen via een zonder toestemming van [geopposeerde] gemaakte aftakking, zodat het stroomverbruik niet op één of meer van de aanwezige meters werd geregistreerd;
- [opposant] heeft bij de politie verklaard dat hij wist dat de voor de hennepkwekerij benodigde stroom via deze illegale aftakking werd verkregen.