Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Onderzoek ter zitting
Beslissing
bevestigtde uitspraak van de Rechtbank.
Gronden
cassatie is gericht.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende is eigenaar van een unit in een verzamelgebouw met zeventien units binnen een Bedrijven Investeringszone (BIZ). Zij maakte bezwaar tegen de aan haar opgelegde BIZ-aanslagen over 2013, 2014 en 2015, waarbij het bezwaar over 2013 en 2014 niet tijdig werd ingediend. Het hof oordeelt dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, ondanks een eerdere procedure die tot twijfel leidde.
Inhoudelijk betwist belanghebbende het tarief van de aanslag over 2015, omdat zij vindt dat het relatief lage bedrag voor haar grote pand niet redelijk is ten opzichte van de hogere gezamenlijke aanslagen van de andere gebruikers in het verzamelgebouw. Het hof stelt vast dat gemeenten bevoegd zijn om tariefklassen te hanteren die gebaseerd zijn op individuele WOZ-waarden en dat deze systematiek niet in strijd is met de wet of het gelijkheidsbeginsel.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de situatie van één eigenaar van een groot pand anders is dan die van meerdere gebruikers met eigen WOZ-waarden in een verzamelgebouw. Ook een vergelijking met een andere unitgebruiker die niet in de draagvlakmeting was betrokken, leidt niet tot een andere uitkomst. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de aanslagen en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslagen BIZ-bijdrage worden bevestigd.