Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[appellant sub 1] ,wonende te [woonplaats] ,
[appellant sub 2],
wonende te [woonplaats] ,
[appellant sub 3],
wonende te [woonplaats] ,
[appellant sub 4]
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 26 februari 2019 waarbij het hof een comparitie na aanbrengen heeft gelast;
- het proces-verbaal van de comparitie van 17 april 2019;
- de memorie van grieven met een productie;
- de memorie van antwoord;
- het pleidooi, waarbij beide partijen pleitnotities hebben overgelegd;
- de bij brief van 25 mei 2021 door [geïntimeerde] toegezonden producties A en B, die bij het pleidooi in het geding zijn gebracht.
6.De beoordeling
De uitspraak