Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/374145 / KG ZA 21-524)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven en eiswijziging;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep met producties 1 tot en met 3;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd;
- de bij H13 formulier van 6 april 2022 door VDG toegezonden akte overlegging productie met productie 4, die zij bij het pleidooi in het geding heeft gebracht;
- de bij H12 formulier van 14 april 2022 door Unit 17 toegezonden producties 37 tot en met 40 (Unit 17 heeft deze producties oorspronkelijk verkeerd genummerd, te weten producties 32 tot en met 35; dit is door haar gerectificeerd bij H16 formulier van 19 april 2022), die Unit 17 bij het pleidooi in het geding heeft gebracht.
3.De beoordeling
moetzijn (waarop zij aanspraak kan maken). Dit wordt echter niet gestaafd met feiten en omstandigheden. Unit 17 heeft bijvoorbeeld niet aan de hand [persoon A] beschikbare correspondentie laten zien dat daarin correspondentie ontbreekt. Unit 17 heeft in dit kort geding niet voldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van ontbrekende correspondentie.