Uitspraak
[requirant], oud 47 jaren, veehouder, geboren te
[geboorteplaats], wonende te
[woonplaats], requirant van cassatie tegen een vonnis van de Arrondissements-Rechtbank te
Amsterdamvan den negenden November 1915, waarbij in hooger beroep, na vernietiging van een vonnis van het Kantongerecht te
Amsterdamvan 31 Mei 1915, de requirant als schuldig aan „te Amsterdam melk doen afleveren onder de benaming „volle melk’’ indien daaraan iets is toegevoegd’’, met toepassing van de artikelen 303a (3°) en 344 der Algemeene Politie Verordening van Amsterdam, 23 en 91 van het Wetboek van Strafrecht, is veroordeeld tot eene geldboete van vijf en twintig gulden en vervangende hechtenis van vijf dagen;
Hesse;
Besier, namens den Procureur-Generaal, in zijne conclusie, strekkende tot vernietiging van het bestreden vonnis, doch alleen voorzoover daarbij het bewezen verklaarde werd gequalificeerd en de requirant ter dier zake werd veroordeeld, en dat de Hooge Raad op nieuw recht doende hem van alle rechtsvervolging ontslaat;
zonder dat daarvoor eenige schuld wordt vereischt;
artikel 303. Het is verboden melk anders te verkoopen, af te leveren of ter aflevering voorhanden te hebben dan onder een der volgende benamingen:
ambtshalve:
Amsterdamop 9 November 1915 in deze zaak gewezen, doch alleen ten aanzien van de qualificatie: