ECLI:NL:HR:1978:AC6391
Hoge Raad
- Cassatie
- Dubbink
- Minkenhof
- Snijders
- Haardt
- De Groot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over arbeidsovereenkomst thuiswerker en gezagsverhouding bij IVA
De zaak betreft de vraag of tussen IVA en een thuis-ponstypiste een arbeidsovereenkomst bestond. De Rechtbank had geoordeeld dat sprake was van een arbeidsovereenkomst met gezagsverhouding, ondanks dat het loon per project werd vastgesteld en de werkzaamheden op freelance basis waren. IVA stelde dat geen gezagsverhouding bestond omdat de werkuren en werkindeling vrij waren.
De Hoge Raad vernietigt het vonnis van het hof omdat het oordeel over de verplichting tot arbeid en de gezagsverhouding onvoldoende is gemotiveerd en onbegrijpelijk is in het licht van de vrijheid van werkindeling. Ook is onvoldoende onderzocht of IVA verplicht was werk aan te bieden na de verhuizing van de thuiswerker naar een andere plaats, hetgeen van belang is voor de loonbetaling.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het loon per project wel bepaalbaar kan zijn en dat de wettelijke rente niet correct is toegewezen vanaf de kennisgevingsdatum. De zaak wordt terugverwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het arrest vernietigt het vonnis van het hof en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling van de arbeidsovereenkomst en loonbetaling.