ECLI:NL:HR:1997:AA2261
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt tarieftoepassing loonbelasting wegens strijd met artikel 48 EG-verdrag
Belanghebbende, woonachtig in België en directeur van een Belgische vennootschap met een vaste inrichting in Nederland, had over de vierde vierwekenperiode van 1990 loonbelasting ingehouden gekregen tegen het 25%-tarief op grond van artikel 20b van de Wet op de loonbelasting 1964. Hij maakte bezwaar tegen deze inhouding, dat door de Inspecteur en het Hof werd afgewezen.
In cassatie stelde belanghebbende dat de toepassing van het 25%-tarief in strijd was met artikel 48 van Pro het EG-verdrag, dat het vrije verkeer van werknemers binnen de EU beschermt. De Advocaat-Generaal adviseerde vernietiging van de eerdere uitspraken.
De Hoge Raad overwoog dat artikel 48 EG Pro-verdrag, net als artikel 52, zich verzet tegen de tarieftoepassing zoals in artikel 20b van de Wet. Omdat belanghebbende als werknemer werkzaamheden in Nederland verrichtte vanuit België, moest dit artikel buiten toepassing blijven en het lagere tarief van artikel 20a gelden.
De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraken van het Hof en de Inspecteur, bepaalde dat belanghebbende een bedrag van ƒ 23,82 terugkrijgt, en veroordeelde de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten. Tevens werden griffierechten vergoed.
Dit arrest bevestigt de werking van het EG-verdrag in het Nederlandse belastingrecht en onderstreept dat nationale wetgeving niet in strijd mag zijn met Europese vrijheidsrechten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en bepaalt dat het lagere loonbelastingtarief van toepassing is, met teruggaaf van teveel ingehouden belasting.