ECLI:NL:HR:1998:AA2443
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van Brunschot
- Meij
- Van Vliet
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt kwalificatie van schijnlening als winstuitdeling in inkomstenbelastingzaak
Belanghebbende, directeur en enig aandeelhouder van X Beheer B.V., kreeg voor het jaar 1991 een aanslag opgelegd op basis van een belastbaar inkomen van f 863.434,--. Na bezwaar en beroep bij het Hof Amsterdam werd de aanslag gehandhaafd. Het Hof oordeelde dat de vermeende geldlening van f 923.889,-- aan de vennootschap slechts schijn was en dat sprake was van een winstuitdeling die tot het belastbare inkomen moest worden gerekend.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak, stellende dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de lening als schijnlening moest worden aangemerkt. De Hoge Raad overwoog dat het Hof op basis van feiten en omstandigheden het vermoeden van schijnlening terecht had aangenomen en dat belanghebbende dit vermoeden niet had weerlegd.
De Hoge Raad oordeelde dat deze feiten en omstandigheden als van feitelijke aard niet onbegrijpelijk zijn en dat het middel van cassatie daarom faalt. Tevens wees de Hoge Raad een veroordeling in proceskosten af. Het cassatieberoep wordt verworpen en de uitspraak van het Hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de winstuitdeling wordt belast.