ECLI:NL:HR:1999:AA1056
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Mijnssen
- raadsheer Neleman
- raadsheer Heemskerk
- raadsheer Fleers
- raadsheer Kop
- Rechtspraak.nl
Geen rechterlijke toetsing aan procedure bij gemeentelijke herindeling
De zaak betreft een geschil tussen de gemeente Tegelen en de provincie Limburg over de procedure rond de gemeentelijke herindeling waarbij Tegelen met Venlo zou worden samengevoegd. De gemeente vorderde in kort geding dat de provincie het voorstel tot wijziging van de gemeentelijke indeling zou terugnemen of niet in behandeling zou nemen, omdat volgens de gemeente de procedure niet open en correct was verlopen.
De rechtbank gaf de gemeente deels gelijk door de besluitvorming op te schorten, maar het hof vernietigde dit en wees de vordering af. De gemeente stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad overwoog dat hoewel de gemeente stelde dat het overleg niet open was geweest zoals voorgeschreven in de parlementaire geschiedenis van de Wet algemene regels herindeling, de burgerlijke rechter niet bevoegd is om in te grijpen in het wetgevingsproces.
De Hoge Raad benadrukte dat de beoordeling of procedurevoorschriften bij de totstandkoming van een wet zijn nageleefd, exclusief is voorbehouden aan de formele wetgever, te weten de regering en de Staten-Generaal. De rechter kan niet oordelen dat onrechtmatig is gehandeld bij de voorbereiding van een wet en daarmee de procedure verstoren. Het beroep van de gemeente werd verworpen en zij werd veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de rechter niet bevoegd is om in te grijpen in het wetgevingsproces bij gemeentelijke herindeling.