ECLI:NL:HR:1999:AA2684
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof inzake reiskostenforfait bij meerdere arbeidsplaatsen
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1994 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op basis van een belastbaar inkomen waarbij het reiskostenforfait werd toegepast voor reizen naar meerdere arbeidsplaatsen. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd het standpunt van de Inspecteur bevestigd dat alle reizen naar de verst gelegen arbeidsplaats als woon-werkverkeer moesten worden beschouwd.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat alle reizen naar de arbeidsplaats R in aanmerking moeten worden genomen en dat het beroep op lid 6 van artikel 8 van Pro de Uitvoeringsregeling niet opgaat bij reizen via een andere arbeidsplaats. Het beroep op het vertrouwensbeginsel met betrekking tot de opstelling van de Inspecteur over het jaar 1993 faalt eveneens.
Echter, het beroep op het vertrouwensbeginsel voor de jaren 1985, 1986, 1987, 1988 en 1992 wordt door de Hoge Raad gegrond verklaard omdat het Hof een onjuiste rechtsopvatting hanteerde omtrent de toepasselijke regeling en het begrip reizen naar verschillende arbeidsplaatsen. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest en verwijst de zaak terug naar het Hof Amsterdam voor nader onderzoek naar het door belanghebbende opgewekte vertrouwen.
De Hoge Raad wijst tevens de proceskostenveroordeling af en gelast vergoeding van het griffierecht. Dit arrest is op 3 maart 1999 uitgesproken door de genoemde raadsheren.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor nader onderzoek naar het vertrouwensbeginsel.