ECLI:NL:PHR:2002:AD9716
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toelaatbaarheid van interne compensatie in belastingprocesrecht
In deze zaak staat centraal de vraag of interne compensatie, waarbij correcties op verschillende elementen van een belastingaanslag worden verrekend, nog is toegestaan onder de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De belanghebbende betwistte onder meer de fiscale verwerking van een intoetsfout in de oudedagsreserve en de toepassing van de stakingsvrijstelling.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de jurisprudentie en literatuur over interne compensatie, de parlementaire geschiedenis van de Awb, en de verhouding tot het belastingprocesrecht. De conclusie is dat interne compensatie ook na invoering van de Awb toelaatbaar blijft in zowel de bezwaarfase als de beroepsfase, mits het nettobedrag van de aanslag niet hoger wordt vastgesteld dan oorspronkelijk.
De Hoge Raad benadrukt dat de inspecteur bij uitspraak op bezwaar andere elementen van de aanslag mag aanvoeren om het standpunt te verdedigen dat de aanslag niet te hoog is, mits rekening wordt gehouden met de processuele belangen van de belastingplichtige. De Awb-artikelen 7:11 en 8:69 wijzigen deze leer niet. De bewijslast ligt bij de fiscus voor alle alsnog ingebrachte correcties. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor nader feitelijk onderzoek naar de waarde van het bedrijfspand en correcte vaststelling van het belastbare inkomen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat interne compensatie in bezwaar- en beroepsfase is toegestaan onder de Awb en verwijst de zaak voor nader onderzoek terug.