ECLI:NL:HR:1999:AA3849
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in cassatie over aanslag inkomstenbelasting 1995
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1995 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd op een belastbaar inkomen van f 21.547. Na bezwaar en beroep bij het Hof Amsterdam werd de aanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde in cassatie dat de aanslag nihil had moeten zijn en dat het Hof ten onrechte niet had geoordeeld dat artikel 64 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964 van toepassing was.
De Hoge Raad constateerde dat het Hof na de mondelinge behandeling door de Inspecteur loonbelastinggegevens per fax had ontvangen en deze zonder mogelijkheid tot wederhoor aan het dossier had toegevoegd. Dit was in strijd met het beginsel van hoor en wederhoor, aangezien belanghebbende geen gelegenheid kreeg om op deze nieuwe gegevens te reageren.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het Hof Amsterdam en verwees de zaak naar het Hof ’s-Gravenhage voor een nieuwe behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd bepaald dat de Staatssecretaris van Financiën het in cassatie betaalde griffierecht aan belanghebbende moet vergoeden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof Amsterdam en verwijst de zaak naar het Hof ’s-Gravenhage wegens schending van het beginsel van hoor en wederhoor.