ECLI:NL:HR:2000:AA4731
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Roelvink
- Heemskerk
- Van der Putt-Lauwers
- Fleers
- Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen grove schuld loods bij aanvaring met oude Vlakebruggen
Op 4 mei 1993 kwam het motorvrachtschip “Solon” onder loodsaanwijzing van [verweerder] in aanvaring met de oude Vlakebruggen in het Kanaal door Zuid-Beveland. De loods was vooraf geïnformeerd over de strijkhoogte van het schip en de doorvaartrestricties, maar werd niet geïnformeerd over de lage doorvaarthoogte van het vaste gedeelte van de oude Vlakebruggen. Na passage van de Nieuwe Postbrug, waar de doorvaarthoogte 10,30 meter bedroeg, nam de loods geen verdere contact op met de verkeerspost, ondanks zichtbelemmeringen en vermoeidheid.
De Rechtbank oordeelde dat de loods aansprakelijk was wegens grove schuld op grond van de Loodsenwet. Het Gerechtshof vernietigde dit oordeel en wees de vordering af, stellende dat hoewel het handelen van de loods ernstig laakbaar was, er geen sprake was van grove schuld omdat niet was gebleken dat hij willens en wetens het risico van aanvaring had genomen.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof en overweegt dat onder grove schuld in de Loodsenwet moet worden verstaan roekeloosheid met de wetenschap dat schade waarschijnlijk is. Het oordeel dat geen sprake is van aan opzet grenzende roekeloosheid is een waardering van feitelijke aard die in cassatie niet kan worden getoetst. Het cassatieberoep wordt verworpen en Nieuw Rotterdam wordt veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de loods geen grove schuld heeft en wijst het cassatieberoep af.