ECLI:NL:HR:2000:AA5405
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Roelvink
- Heemskerk
- Van der Putt-Lauwers
- Hammerstein
- Kop
- Rechtspraak.nl
Vaststelling meerderheid voor wijziging gebruik appartement in VvE
De zaak betreft een geschil tussen een eigenaar van twee appartementen binnen een Vereniging van Eigenaren (VvE) en de VvE zelf over het gebruik van een appartement bestemd als woonruimte als kantoorruimte. De eigenaar had verzocht om toestemming om het appartement afwijkend te gebruiken en een interne trapverbinding te maken met het kantoorappartement eronder.
De rechtbank oordeelde dat de VvE met een gewone meerderheid moest besluiten over het verzoek tot afwijkend gebruik, maar wees de vordering af voor de interne verbinding. Het hof bekrachtigde dit oordeel en stelde dat voor de trapverbinding een unanimiteitsbesluit nodig was omdat dit een wijziging van de splitsingsakte en tekening zou vereisen.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd door te stellen dat elke wijziging in constructie of omgrenzing een wijziging van de splitsingsakte vereist. Alleen wijzigingen die gevolgen hebben voor de goederenrechtelijke situatie van het appartement kunnen daartoe leiden. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling en beslissing.
De Hoge Raad veroordeelde tevens de VvE in de kosten van het cassatiegeding. Dit arrest verduidelijkt de criteria voor besluitvorming binnen een VvE omtrent afwijkend gebruik en bouwkundige wijzigingen die de splitsingsakte raken.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling over de vereiste meerderheid voor toestemming tot afwijkend gebruik en interne verbinding binnen de VvE.