ECLI:NL:HR:2000:AA7362
Hoge Raad
- Cassatie
- H.L.J. Roelvink
- W.H. Heemskerk
- R. Herrmann
- O. de Savornin Lohman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap na ontbinding bij echtscheiding
Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn gescheiden. De vrouw vorderde een bedrag wegens overbedeling bij de verdeling van de ontbonden gemeenschap. Een geschilpunt was of een spaartegoed dat de vrouw kort voor het huwelijk aan haar moeder had gegeven, buiten de gemeenschap moest blijven.
De rechtbank en het hof hadden geoordeeld dat de vrouw tekort was geschoten in haar mededelingsplicht over deze vermogensvermindering, waardoor een afwijking van de hoofdregel van gelijke verdeling gerechtvaardigd was. Het hof stelde de verdeling zo vast dat het resultaat gelijk was aan het geval dat de man ook een bedrag buiten de gemeenschap had gehouden.
De Hoge Raad oordeelde dat de omstandigheden onvoldoende grond boden voor een op redelijkheid en billijkheid gebaseerde afwijking van de hoofdregel. Het arrest van het hof werd vernietigd en de zaak verwezen naar een ander hof voor verdere behandeling. De kosten van de cassatieprocedure werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling.