ECLI:NL:HR:2001:AB3238
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over kwalificatie geldlening of informeel kapitaal bij vennootschapsbelasting
Belanghebbende had voor het jaar 1995 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd gekregen, die na bezwaar en beroep bij het hof werd gehandhaafd. De kern van het geschil betrof de vraag of een geldverstrekking van belanghebbende aan K B.V. als lening of als informeel kapitaal moest worden gekwalificeerd.
Het hof oordeelde dat de geldverstrekking niet als lening kon worden aangemerkt omdat geen formele leningsovereenkomst of schuldigerkenning was overgelegd, en dat het daarom informeel kapitaal betrof. Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen dit oordeel.
De Hoge Raad stelt dat in beginsel de civielrechtelijke vorm bepalend is, maar dat uitzonderingen mogelijk zijn, bijvoorbeeld wanneer sprake is van schijnlening of bijzondere omstandigheden die de fiscale kwalificatie beïnvloeden. Het hof had onvoldoende gemotiveerd waarom de geldverstrekking als informeel kapitaal moest worden aangemerkt zonder te onderzoeken of de uitzonderingen van toepassing zijn.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor volledige herbeoordeling. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen voor hernieuwd onderzoek.