ECLI:NL:HR:2002:AB2856
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- C.B. Bavinck
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt renteaftrek bij belastingheffing in Ierland als redelijk
Belanghebbende, moedermaatschappij van een fiscale eenheid, bracht renteaftrek in mindering op haar winst over leningen van een Ierse dochtermaatschappij, F Limited, die onder een gunstig fiscaal regime viel. De Inspecteur weigerde deze aftrek, maar het Hof gaf belanghebbende gelijk en stelde dat de belastingheffing in Ierland redelijk was. De Staatssecretaris stelde beroep in cassatie in tegen deze uitspraak.
De Hoge Raad oordeelde dat indien de buitenlandse vennootschap een belasting betaalt die naar Nederlandse maatstaven redelijk is, de renteaftrek niet geweigerd kan worden op grond van fraus legis. De beoordeling van redelijkheid moet plaatsvinden naar de maatstaven van het jaar waarop de rente betrekking heeft, waarbij het Nederlandse artikel 15b van de Wet vennootschapsbelasting als maatstaf geldt.
De Hoge Raad concludeerde dat het Ierse belastingtarief van ten minste 10% en het fiscale regime van F Limited vergelijkbaar zijn met het Nederlandse regime en dat dit tarief als redelijk moet worden aangemerkt. Het beroep van de Staatssecretaris werd daarom ongegrond verklaard en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van de Staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de renteaftrek wordt bevestigd.