ECLI:NL:HR:2002:AE1536
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- A. Hammerstein
- O. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Uitleg vervangingskostenclausule en eigen risico in aansprakelijkheidsverzekering bij brandschade open haard
De zaak betreft een brandschade veroorzaakt door een ondeugdelijke open haard die onvoldoende geïsoleerd was, gebouwd door [verweerster] als hoofdaannemer. De brandverzekeraar heeft de schade vergoed en vervolgens [verweerster] aansprakelijk gesteld. [Verweerster] had een aansprakelijkheidsverzekering bij Royal Nederland, die zich verplichtte 35% van het risico te dekken.
De kern van het geschil betrof de uitleg van de vervangingskostenclausule in de verzekeringsvoorwaarden en welk eigen risico van toepassing was: ƒ 20.000 of ƒ 250.000. De rechtbank stelde het lagere eigen risico vast en veroordeelde Royal Nederland tot betaling. Het hof vernietigde dit deels maar bevestigde het lagere eigen risico en beperkte de dekking van de vervangingskostenclausule tot de kosten van vervanging van de open haard en het schoorsteenkanaal.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de vervangingskostenclausule correct had uitgelegd, waarbij alleen de kosten van het vernieuwen van de ondeugdelijke prestatie zelf zijn uitgesloten, niet de schade aan andere zaken. Ook bevestigde de Hoge Raad dat het polisbladclausule het eigen risico van ƒ 20.000 geldt voor dit type schade. Het beroep van Royal Nederland werd verworpen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Royal Nederland wordt verworpen; het eigen risico van ƒ 20.000 geldt en de vervangingskostenclausule is beperkt tot de kosten van vervanging van de open haard en het schoorsteenkanaal.