ECLI:NL:HR:2003:AF3086

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 februari 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
01223/02
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • W.J.M. Davids
  • A.J.A. van Dorst
  • B.C. de Savornin Lohman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 279 SvArt. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 5 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak medeplegen moord met twaalf jaar gevangenisstraf

In deze strafzaak werd de verdachte in hoger beroep door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot twaalf jaren gevangenisstraf wegens medeplegen van moord, waarbij het hof het vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Roermond vernietigde.

De verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest, waarbij hij werd bijgestaan door mr. D. Moszkowicz. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad nam kennis van het commentaar van de raadsman, maar oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden.

De Hoge Raad vond geen aanleiding tot nadere motivering omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Ook zag de Hoge Raad geen grond om ambtshalve de bestreden uitspraak te vernietigen.

Daarom werd het cassatieberoep verworpen en bleef de veroordeling tot twaalf jaar gevangenisstraf in stand. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 4 februari 2003.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en de veroordeling tot twaalf jaar gevangenisstraf blijft in stand.

Uitspraak

4 februari 2003
Strafkamer
nr. 01223/02
ES/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 2 oktober 2001, nummer 20/001661-00, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978, wonende te [woonplaats].
1. De bestreden uitspraak
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Roermond van 7 juli 2000 - de verdachte ter zake van "medeplegen van moord" veroordeeld tot twaalf jaren gevangenisstraf.
2. Geding in cassatie
2.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. D. Moszkowicz, advocaat te Maastricht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.
2.2. De Hoge Raad heeft kennis genomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
3. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Slotsom
Nu de middelen niet tot cassatie kunnen leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.J.M. Davids als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en B.C. de Savornin Lohman, in bijzijn van de waarnemend-griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 4 februari 2003.