ECLI:NL:HR:2003:AF9661
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verbetering bewezenverklaring valsheid in geschrift Algemene bijstandswet
De verdachte werd door het Gerechtshof te 's-Gravenhage bij verstek veroordeeld wegens valsheid in geschrift met betrekking tot een periodieke verklaring op grond van de Algemene bijstandswet over september 1996. Hij had onjuist verklaard geen inkomsten te hebben genoten terwijl hij een uitkering krachtens de Ziektewet ontving.
In cassatie stelde de verdachte dat de bewezenverklaring van het hof niet met redenen was omkleed en dat niet kon worden bewezen dat hij inkomsten uit arbeid had genoten. De Hoge Raad overwoog dat het hof onjuist had geoordeeld dat de Ziektewetuitkering als inkomsten uit arbeid moest worden aangemerkt, aangezien de wet onderscheid maakt tussen inkomsten uit arbeid en uitkeringen.
De Hoge Raad vernietigde daarom het onderdeel van de bewezenverklaring dat sprak over inkomsten uit arbeid en verbeterde deze tot het feit dat de verdachte inkomsten uit een andere bron had genoten. De rest van het beroep werd verworpen. De zaak werd niet verwezen, omdat de verbetering van de bewezenverklaring geen nieuw feitenonderzoek vereiste en de ernst van het bewezenverklaarde niet werd aangetast.
Het arrest werd gewezen door de vice-president en vier raadsheren van de Hoge Raad en uitgesproken op 16 september 2003.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring inkomsten uit arbeid en verbetert deze tot inkomsten uit een andere bron, beroep verder verworpen.