ECLI:NL:HR:2003:AI0806
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- L. Monné
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Beslissing wrakingsverzoek tegen leden Hoge Raad in cassatieprocedure belastingzaak
Verzoekster heeft in een cassatieprocedure tegen een belastingbeschikking een wrakingsverzoek ingediend tegen alle leden van de Hoge Raad. Dit verzoek volgde nadat haar gemachtigde, die geen advocaat was, niet mondeling mocht toelichten vanwege artikel 29c van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
De Hoge Raad behandelde het wrakingsverzoek op 9 juli 2003 en concludeerde dat het wrakingsverzoek slechts kan zien op de rechters die de zaak behandelen. Het verzoek was daarom niet-ontvankelijk voor leden die niet bij de zaak betrokken waren en werd afgewezen voor de overige leden.
De Hoge Raad oordeelde dat het niet toelaten van een niet-advocaat als mondelinge toelichter niet kan worden aangemerkt als een feitelijke grond voor wraking, ook niet in het licht van artikel 6 EVRM Pro.
De beslissing werd genomen door de vice-president en twee raadsheren en op 8 augustus 2003 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek werd niet-ontvankelijk verklaard voor niet-betrokken leden en afgewezen voor de overige leden van de Hoge Raad.