ECLI:NL:HR:2004:AF4956
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Inspecteur inzake premievrijstelling kapitaalverzekering
Belanghebbende sloot in 1969 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule af waarbij premies jaarlijks van het onzuivere inkomen werden afgetrokken. Vanaf 1978 werd hij wegens arbeidsongeschiktheid vrijgesteld van premiebetaling, zonder wijziging van de verzekeringsovereenkomst of opbouw van het kapitaal.
In 1996 werd het opgebouwde kapitaal gebruikt voor een lijfrente-uitkering. Het geschil betrof of de niet betaalde premies tijdens de premievrijstelling moesten worden meegeteld bij de waarde van de prestatie voor de inkomstenbelasting.
Het Hof oordeelde dat deze premies geacht moesten worden te zijn voldaan door verrekening en rekende deze mee, wat leidde tot een lagere aanslag. De Hoge Raad stelde vast dat verrekening alleen mogelijk is bij wederkerig schuldenaarschap, wat hier niet het geval was. De clausule in de polis maakt duidelijk dat tijdens volledige invaliditeit geen premie verschuldigd is.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Hof en bevestigde de uitspraak van de Inspecteur. Er werden geen proceskosten aan de partijen opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en bevestigt de aanslag van de Inspecteur inzake de premievrijstelling.