ECLI:NL:HR:2004:AO1879
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid afluisteren en opnemen telefoongesprek in penitentiaire inrichting
In deze strafzaak stond centraal of het afluisteren en opnemen van een telefoongesprek van een gedetineerde in een penitentiaire inrichting rechtmatig was, ondanks het ontbreken van een verdenking voorafgaand aan het afluisteren. De verdachte was veroordeeld voor het opzettelijk verstoren van de rust door valse alarmkreten via een telefoongesprek.
De Hoge Raad bevestigde dat op grond van artikel 36 lid 4 juncto Pro artikel 39 van Pro de Penitentiaire Beginselenwet de directeur van een penitentiaire inrichting bevoegd is toezicht te houden op telefoongesprekken van gedetineerden, inclusief het opnemen en afluisteren daarvan, ter handhaving van orde en veiligheid en ter opsporing van strafbare feiten. Dit toezicht is rechtmatig, ook als er vooraf geen verdenking bestaat.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat in cassatie geen nieuwe gronden voor een onrechtmatigheidsverweer kunnen worden aangevoerd die feitelijk onderzoek vereisen, zoals het ontbreken van voorzienbaarheid van het afluisteren. Het beroep van de verdachte werd daarom verworpen en het vonnis van het hof bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen en het gebruik van het opgenomen telefoongesprek als bewijs is rechtmatig.