ECLI:NL:HR:2004:AO9513
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens willekeurige afschrijving startende ondernemer met participatie in CV
De Inspecteur stelde het verlies van belanghebbende in 1997 vast op ƒ 21.969 en handhaafde dit na bezwaar. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat het beroep ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde belanghebbende cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat het middel slaagt en vernietigde het arrest van het Hof. De zaak werd verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling, met inachtneming van het arrest. De reden voor verwijzing was dat het Hof niet aan de stelling van de Inspecteur toe was gekomen dat de afschrijving gemaximeerd moest worden tot het bedrag van de kapitaalinbreng.
De Hoge Raad veroordeelde tevens de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten en gelastte vergoeding van het griffierecht aan belanghebbende. De verdere beoordeling van de kosten voor het Hof wordt aan het verwijzingshof overgelaten.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.