ECLI:NL:HR:2004:AR3016
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel hof over niet-ontvankelijkheid OM wegens ontbreken geluidsbanden in dossier
In deze strafzaak stelde de verdediging dat het recht op een eerlijk proces was geschonden omdat zij geen toegang kreeg tot de geluidsbanden van afgeluisterde telefoongesprekken die als bewijs werden gebruikt. De verdediging voerde aan dat deze banden in het dossier hadden moeten worden opgenomen en dat het OM niet-ontvankelijk verklaard moest worden vanwege het ontbreken hiervan.
Het hof verwierp dit verweer, stellende dat de geluidsbanden geen deel uitmaakten van het procesdossier en dat het OM niet ambtshalve verplicht was deze toe te voegen. Tevens oordeelde het hof dat het verweer niet gericht was op de inhoud van de tapgesprekken die voor het bewijs werden gebruikt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde vast dat in hoger beroep niet was verzocht om toevoeging van de geluidsbanden aan het dossier. Het hof had terecht geoordeeld dat het OM niet verplicht was deze banden uit eigen beweging toe te voegen, en dat het verweer niet ging over de inhoud van de gebruikte gesprekken. Het cassatieberoep werd daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.