Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2004:AR4980

Hoge Raad

Datum uitspraak
24 december 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
R04/017HR
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieverzoek tegen afwijzing voorlopige maatregelen in civiele procedure

Verzoeker heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend tot voorlopige plaatsopneming, bezichtiging, deskundigenverhoor en getuigenverhoor. De rechtbank wees deze verzoeken af en veroordeelde verzoeker in de proceskosten. In hoger beroep bevestigde het gerechtshof deze beslissing en veroordeelde verzoeker opnieuw in de proceskosten.

Verzoeker stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde verzoeker in de kosten van het geding in cassatie, bestaande uit verschotten en salaris advocaat. De beschikking werd in het openbaar uitgesproken op 24 december 2004.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoeker wordt verworpen en verzoeker wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

24 december 2004
Eerste Kamer
Rek.nr. R04/017HR
JMH
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.A.R. Schuckink Kool,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Defensie),
gevestigd te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: G.J.H. Houtzagers.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 13 september 2002 ter griffie van de rechtbank te 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - zich gewend tot die rechtbank en verzocht bij beschikking, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, omtrent de in het verzoekschrift vermelde feiten een voorlopige plaatsopneming en bezichtiging, een voorlopig deskundigenverhoor en een voorlopig getuigenverhoor te bevelen.
Verweerder in cassatie - verder te noemen: de Staat - heeft de verzoeken bestreden.
De rechtbank heeft bij beschikking van 19 december 2002 alle drie de verzoeken afgewezen en [verzoeker] in de proceskosten aan de zijde van de Staat veroordeeld.
Tegen deze beschikking heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij beschikking van 6 november 2003 heeft het hof de bestreden beschikking bekrachtigd en [verzoeker] in de proceskosten in hoger beroep aan de zijde van de Staat veroordeeld.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep, met zodanige beslissing omtrent de kosten als de Hoge Raad aangewezen zal oordelen.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 9 november 2004 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 310,69 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren H.A.M. Aaftink, als voorzitter, D.H. Beukenhorst en A.M.J. van Buchem-Spapens, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 24 december 2004.