ECLI:NL:HR:2005:AT3405
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslag vennootschapsbelasting na zetelverplaatsing en pensioenafzien
Belanghebbende, een vennootschap die haar werkelijke leiding in 1994 naar de Nederlandse Antillen verplaatste, kreeg aanvankelijk een nihil aanslag vennootschapsbelasting opgelegd over dat jaar. Later werd een navorderingsaanslag opgelegd vanwege afstand van pensioenrechten door de directeur en zijn echtgenote.
Het hof had de navorderingsaanslag verminderd, stellende dat de inspecteur niet hoefde kennis te nemen van gegevens die niet direct relevant waren voor de aanslag vennootschapsbelasting. Belanghebbende stelde dat de geïntegreerde werkwijze van de Belastingdienst dit wel vereiste.
De Hoge Raad oordeelde dat bij een geïntegreerde behandeling van aangiften van een ambtenaar mag worden verwacht dat hij teamgenoten attendeert op opvallende veranderingen die van belang kunnen zijn voor hun aanslagbehandeling. Ook vond de Hoge Raad dat het hof ten onrechte aannam dat het afzien van pensioenrechten al voorzienbaar was op het moment van zetelverplaatsing.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest van het hof en verwees de zaak terug voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werden proceskosten en griffierecht toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt hofuitspraak en verwijst zaak terug voor nieuwe beoordeling met inachtneming van het arrest.