ECLI:NL:HR:2005:AU3888
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen doodslag en poging tot doodslag met afwijzing noodweerverweer
De verdachte is door het gerechtshof veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van doodslag en medeplegen van poging tot doodslag. Het hof stelde vast dat verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat het slachtoffer zou overlijden door het geloste schot.
De verdachte voerde in hoger beroep onder meer een beroep op noodweer aan, stellende dat hij handelde uit noodzakelijke verdediging tegen slachtoffers die met messen op hem afkwamen. Dit verweer werd door het hof verworpen omdat verdachte zelf met een geladen vuurwapen de confrontatie zocht en daarmee een gewelddadige reactie uitlokte.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting had en dat het bewijs voorwaardelijk opzet overtuigend was. Het hof mocht het noodweerverweer afwijzen, mede omdat verdachte de tenlastegelegde feiten ontkende en geen aannemelijke alternatieve feitenpresentatie bood.
Het beroep in cassatie werd verworpen, waarmee de veroordeling en strafoplegging ongewijzigd bleef. De strafmaat van tien jaar gevangenisstraf werd bevestigd, evenals de toegewezen vordering van de benadeelde partij.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte tot tien jaar gevangenisstraf voor medeplegen van doodslag en poging tot doodslag met afwijzing van het noodweerverweer.