ECLI:NL:HR:2006:AZ0265
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens ontbreken motivering bewijswaardering verklaringen slachtoffer seksueel misbruik
De zaak betreft een strafzaak waarin de verdachte werd veroordeeld voor meermalig seksueel misbruik van zijn minderjarige dochter over de periode van 1987 tot 1998. Het Hof van Den Haag had het vonnis van de rechtbank vernietigd en de verdachte veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf, gebaseerd op de verklaringen van het slachtoffer en aanvullende getuigenverklaringen.
De verdediging voerde onder meer aan dat de verklaringen van het slachtoffer inconsistent, onbetrouwbaar en onvoldoende gedetailleerd waren. Diverse punten werden aangevoerd, zoals discrepanties in de tijdsaanduiding, gebrek aan specifieke details over het misbruik, en tegenstrijdigheden in medische gegevens. Ook werd het psychologisch rapport van prof. Bullens besproken, die de verklaringen als geloofwaardig beoordeelde, maar zonder expliciete waarschijnlijkheidsaanduiding.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof in strijd met art. 359, tweede lid, Sv, niet in het bijzonder de redenen had gegeven waarom het was afgeweken van het door de verdediging uitdrukkelijk onderbouwde standpunt dat de verklaringen van het slachtoffer niet tot bewijs konden worden gebruikt. Dit gebrek aan motivering leidt volgens art. 359, achtste lid, Sv tot nietigheid van het arrest. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het Hof Den Haag voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest wegens ontbreken van motivering bij bewijswaardering en verwijst zaak terug naar Hof.