ECLI:NL:HR:2007:AZ6535
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw ontstaan van schulden
Verzoekster heeft bij de rechtbank verzocht om toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 288 lid 2 sub b van Pro de Faillissementswet. De rechtbank wees dit verzoek op 10 mei 2006 af. Verzoekster ging in hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam, dat het vonnis van de rechtbank op 28 juli 2006 bevestigde. Vervolgens stelde verzoekster beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. Dit oordeel werd genomen zonder nadere motivering, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het beroep, waarop de advocaat van verzoekster reageerde.
De Hoge Raad heeft het beroep van verzoekster verworpen en het arrest van het gerechtshof bekrachtigd. De beslissing bevestigt dat het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling terecht is afgewezen wegens het niet te goeder trouw laten ontstaan van schulden, zoals bedoeld in artikel 288 lid 2 sub b van Pro de Faillissementswet.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het niet te goeder trouw laten ontstaan van schulden.