ECLI:NL:HR:2007:BB7044
Hoge Raad
- Cassatie
- P.C. Kop
- O. de Savornin Lohman
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid beroep in cassatie ondanks niet-tijdige inschrijving dagvaarding ter rolle
In deze zaak stond de ontvankelijkheid van het cassatieberoep centraal, nadat eiser en medeeisers de zaak niet tijdig hadden ingeschreven voor de rolzitting van 16 maart 2007. Zij stelden een herstelexploot op, waarmee zij alsnog de dagvaarding ter griffie indienden voor de rolzitting van 20 april 2007. De verweerster betoogde dat het beroep niet-ontvankelijk was wegens het niet tijdig inschrijven van de dagvaarding.
De Hoge Raad oordeelde dat het niet tijdig indienen van het exploot van dagvaarding niet automatisch leidt tot verval van de aanhangigheid van het geding, indien een herstelexploot tijdig en regelmatig wordt uitgebracht conform artikel 125 lid 4 Rv Pro. Daarbij is niet vereist dat het niet voldoen aan de termijn het gevolg is van een verzuim, noch dat de verweerster toestemming geeft voor een andere roldatum dan in het oorspronkelijke exploot genoemd.
Het hof stelde vast dat eiser en medeeisers aan de vereisten voldeden door zowel het oorspronkelijke exploot als het herstelexploot tijdig in te dienen bij de griffie. De Hoge Raad verwierp het beroep van de verweerster op niet-ontvankelijkheid en verwees de zaak naar de rol voor verdere behandeling in de hoofdzaak. Hiermee werd bevestigd dat de procedurele regels omtrent inschrijving en herstelexploot strikt maar niet onredelijk worden toegepast.
Uitkomst: Het beroep op niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep wordt verworpen en de zaak wordt verwezen voor voortprocederen.