ECLI:NL:HR:2008:BB3392
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- L. Monné
- C.J.J. van Maanen
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-toepassing artikel 10 Successiewet bij verkoop woning met uitstel levering
Belanghebbende kreeg een aanslag successierecht opgelegd over een verkrijging uit de nalatenschap van zijn vader, die in 1998 overleed. De Inspecteur stelde de waarde van de woning hoger vast dan de koopsom en rekende het verschil aan als verkrijging krachtens erfrecht op grond van artikel 10 Successiewet Pro 1956.
Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en oordeelde dat geen sprake was van een fictieve verkrijging krachtens erfrecht zoals bedoeld in artikel 10 SW Pro. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt vast dat de juridische eigendom van de woning tot het overlijden van de erflater bij deze bleef en dat ook economisch gezien geen sprake was van omzetting in een genotsrecht.
De Hoge Raad wijst het cassatieberoep van de Staatssecretaris af en veroordeelt de Staat in de proceskosten. Hiermee blijft de aanslag verminderd tot het bedrag berekend over de werkelijke verkrijging van belanghebbende in stand.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en de aanslag successierecht verminderd.