ECLI:NL:HR:2008:BC4763
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C.J.J. van Maanen
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing voordeel ter beschikking gestelde auto grensarbeider met buitenlandse werkgever
Belanghebbende, een in Nederland wonende grensarbeider die in België werkt voor een werkgever zonder Nederlandse vaste inrichting, kreeg voor de jaren 2001 en 2002 aanslagen inkomstenbelasting opgelegd over het voordeel van een ter beschikking gestelde auto. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd het standpunt van belanghebbende dat de auto niet belastbaar was vanwege het ontbreken van inhoudingsplicht van de werkgever verworpen.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat het voordeel uit de auto wel degelijk tot het belastbare inkomen behoort. De vrijstelling van inhoudingsplicht voor de buitenlandse werkgever betekent niet dat de werkgever niet als inhoudingsplichtige wordt beschouwd in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964. Hierdoor is artikel 3.82 Wet IB 2001 van toepassing.
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en wijst een veroordeling in proceskosten af. Hiermee is bevestigd dat het voordeel uit de auto belastbaar is, ondanks de grensarbeiderssituatie en de buitenlandse werkgever zonder Nederlandse vaste inrichting.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het voordeel uit de ter beschikking gestelde auto blijft belast.