ECLI:NL:HR:2008:BE9819

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 september 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
01904/07
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.H. Koster
  • J.P. Balkema
  • W.M.E. Thomassen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 68 SrArt. 321 SrArt. 326 SrArt. 82 Wet toezicht kredietwezen 1992Art. 90j Wet toezicht kredietwezen 1992
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid OM ondanks ne bis in idem met bestuurlijke boete

In deze strafzaak stond de vraag centraal of het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard moest worden vanwege het ne bis in idem-beginsel, omdat de verdachte reeds een bestuurlijke boete had gekregen voor dezelfde feiten. Het hof had dit verweer verworpen en de vervolging toegestaan.

De verdachte stelde in cassatie dat het hof ten onrechte het verweer van niet-ontvankelijkheid had afgewezen. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep, stellende dat de strekking en het doel van de bestuurlijke boete en de strafrechtelijke vervolging uiteenlopen, waardoor het ne bis in idem-beginsel niet van toepassing is.

De Hoge Raad volgde de conclusie van de Advocaat-Generaal en verwierp het cassatieberoep. Hiermee werd het arrest van het hof bekrachtigd en bleef de strafrechtelijke vervolging in stand. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 30 september 2008.

Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat het Openbaar Ministerie niet niet-ontvankelijk is ondanks de bestuurlijke boete.

Uitspraak

30 september 2008
Strafkamer
Nr. S 01904/07
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 28 september 2006, nummer 20/001925-04, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973, zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J. Groen, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel klaagt over de verwerping door het Hof van het verweer dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging.
2.2. Het middel faalt op de door de Advocaat-Generaal in zijn conclusie uiteengezette gronden. De conclusie is aan dit arrest gehecht.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 30 september 2008.